dinsdag 21 juli 2020

Verlaat kerstcadeau

De curve mag dan zijn afgevlakt, inmiddels heeft de COVID-pandemie ook mij bereikt. Ik ben eindelijk ook getroffen door de opruimwoede. Heel Nederland heeft de afgelopen maanden uit totale verveling schuurtjes en kledingkasten opgeruimd en badkamerraamkozijnen gelakt. Ik heb de rommellade in de hal dit weekend uitgemest. Kwam ik een cadeaubon tegen. Van de baas gekregen met kerstmis. Meteen te gelde gemaakt op www.kiesjekerstcadeau.nl. Mijn opruimwoede werd er verder aangewakkerd. Een professionele gereedschapskist op wielen. 53 liter, alles kan er in. Vandaag werd ie bezorgd. Totaal onhandig. Eén grote plastic bak, waar gereedschap totaal onvindbaar in is. Maar mijn opruimhonger is voorlopig wel weer even gestild.

 

dinsdag 14 juli 2020

Lijstjes

Eigenlijk zou ik willen bloggen over een toevoeging aan mijn landenlijstje. Toen in 2010 iemand me vertelde dat ie alle landen van de wereld wilde bezoeken, vond ik dat maar een achterlijk idee. Maar sindsdien speelt het lijstje ook in mijn vakantiekeuze een belangrijke rol. Ik ben besmet met het landenvirus. Andere besmettingen maken landen vinken lastig. Noodgedwongen doorkruis ik op de fiets het Groene Hart en tik ik NS-wandelroutes af. Dit weekend liep ik van Abcoude naar Weesp. Een nieuw landje leverde het misschien niet op, maar op mijn UNESO-werelderfgoedlijstje kan ik wel weer één van de 1121 sites afvinken: de Stelling van Amsterdam. Had ik tot zondag nog nooit van gehoord. Ik was bij het Fort van Nigtevecht. Eén van de 45 bewapende forten rond Amsterdam, gebouwd tussen 1880 en 1920. Het is niet meer als zodanig in gebruik. Het is verworden tot een kunstenaarskolonie annex horecagelegenheid. Maar we hadden de lunch net op, dus het tot de verbeelding sprekende stuk huisgemaakte appeltaart hadden we nog niet verdiend. Toen we na 20 kilometer Weesp binnenliepen wel. Maar toen hadden we inmiddels zin in bier. Ik nam een glas "De Molen Hugs en Kisses". Dat biertje kan aan mijn gedronkenbierenlijstje worden toegevoegd.

zondag 24 november 2019

Goudklomp in goede handen


Af en toe wandel ik door Utrecht, mijn nieuwe stad. Gisteren was de Soweto-brug mijn bestemming. De brug was eerder deze week in het nieuws.

Tot 1986 had de brug op die plek de naam Paul Kruger. De gewezen president van Transvaal stond in Nederland op een voetstuk omdat hij zich zo dapper verzette tegen het imperialistische Groot-Brittannië. Maar hij gleed van datzelfde voetstuk. Hij had Transvaal ooit zelf op brute wijze buit gemaakt op Afrikaanse stammen, die hij vervolgens als slaven voor zich liet werken. De nieuwe brug kreeg dus een nieuwe naam, dezelfde naam als een township net buiten Johannesburg, met sloppenwijken voor niet-blanke Zuid-Afrikanen.

Op honderd meter van de Soweto-brug staat het gebouw van de Koninklijke Nederlandse Munt. De chauffeur van een waardetransport vergat de achterdeur van zijn busje afgelopen week dicht te doen toen hij bij het Muntgebouw wegreed. Bij de eerste de beste bocht moet ie een deel van zijn lading hebben verloren. Een doos met goud, ter waarde van ruim twee ton. Een betere plek had ie niet uit kunnen kiezen. Utrecht kent geen officiele townships of sloppenwijken, maar onder de Sowetobrug heeft een groep daklozen zich een stukje niemandsland toegeëigend. Op een betonnen vloer aan het water hebben een man of tien met bordkarton, piepschuim en plastic provisorische slaapplaatsen ingericht. Maar de bedden waren zaterdagmiddag, toen ik er langs liep, verlaten. Goeie kans dat de bewoners zich met de klomp goud uit hun miserabele positie hebben weten te bevrijden.

Sowetobrug met slaapplaatsen